| 4-3-17 | |||
Klein koolwitje Pieris rapae ( Linnaeus 1758 )Beschrijving Het Klein koolwitje heeft op de bovenkant van de voorvleugels een kleine driehoekige zwarte puntvlek. Vanaf de onderkant van de vleugel is deze vlek eveneens zichtbaar, maar heeft hier een geel-grijze kleur. De onderkant van de achtervleugel heeft een gele kleur en de aders zijn niet bestoven. Het vrouwtje heeft op de bovenkant van de voorvleugel 2 duidelijke zwarte stippen. Het mannetje heeft aldaar slechts 1 zwarte stip.Deze is ook kleiner en minder zwart dan bij het vrouwtje. Op de onderkant van de voorvleugel zijn bij de beide geslachten 2 zwarte stippen te zien.
Vliegtijd
Deze vlinder overwintert als pop en vliegt vanaf half maart ( week 11 ) tot in de 2de helft van oktober ( week 43 ). De vliegtijd kan verdeeld worden in 3 generaties. De 2de en de 3de generatie overlappen elkaar echter gedeeltelijk, zodat er geen duidelijke overgang merkbaar BiotoopDeze vlinder is te vinden in alle biotopen. In bosstreken zal deze vlinder zeker de schaduwkant vermijden. Hij is er dan ook minder vaak te zien. Het Klein geaderd witje zal daar echter meer gezien worden. Deze vlinder komt in gans Vlaanderen voor.
VoedselplantenVlinderstruik, koninginnekruid, paardebloem, lavendel, distel, braam, aster, knoopkruid, kattenstaart e.a.
Waardplant en rupsKool, pinksterbloem, tuinjudaspenning, look zonder look, Oost Indische kers, radijs en andere kruisbloemigen. De eitjes worden 1 per 1 afgezet, zodat de rupsen niet in kolonies maar eerder solitair op de waardplant voorkomen. De groene rups heeft een gele lengtestreep op het midden van de rug en een rij gele zijvlekken.
Rode lijst categorieMomenteel niet bedreigd
Meer informatiehttp://www.instnat.be/content/page.asp?pid=FAU_VL_pierrapa
|
|