| 4-3-24 | |||
Oranjetipje Anthocharis cardamines ( Linnaeus 1758 )
BeschrijvingHet mannetje van het Oranjetipje valt op door de felle oranje vleugeltip op de bovenkant van de voorvleugel. Het vrouwtje mist deze gekleurde vleugeltip en toont daar een kleine zwarte vleugelrand. De onderzijde van de achtervleugel is bij de beide geslachten wit met een geelgroen camouflage patroon. Indien het niet echt zonnig is, zit de vlinder met gesloten vleugels op een bloem of een blad en door dit camouflage patroon is de vlinder bijna niet waar te nemen. Bij regen en storm blijft de vlinder zo onbeschermd op die plaats zitten en wacht zonniger weer af. Het mannetje valt, vliegend met die oranje vleugelvlekken, geweldig op en wordt dan ook veelvuldig gezien. Het vrouwtje daarentegen wordt zeer vaak verwart met een Klein koolwitje of een Klein geaderd witje.
VliegtijdHet Oranjetipje kent één generatie per jaar en overwintert als pop.
De vlinder vliegt van begin april ( week 14 ) tot eind mei ( week 22).
BiotoopHet voorkeursbiotoop van het Oranjetipje is een vochtige weiland, waar de waardplant, de Pinksterbloem, massaal voorkomt. Door gewijzigde landbouwmethoden ( overbemesting ) zijn zulke weilanden helaas maar weinig te vinden. De vlinder wenst in de onmiddellijke omgeving van zo’n weiland ook nog een houterige vegetatie. Deze struiken zijn nodig om zijn popstadium door te komen.Volledig vlakke weidegebieden, met Pinksterbloemen maar zonder houtkant, zijn dan ook geen geschikt biotoop. De vlinder heeft zich echter aangepast en komt momenteel meestal voor in open bossen. Ook in tuinen wordt deze vlinder af en toe en in kleine aantallen aangetroffen.
VoedselplantenPinksterbloem, look zonder look, judaspenning, koekoeksbloem, smeerwortel
Waardplant en rupsPinksterbloem, look zonder look en judaspenning
De eitjes zijn flesvormig en krijgen een oranje kleur.
Het is een groene rups met kleine zwarte stippen. De rups is goed gecamoufleerd omdat hij zich op de stengel van zijn waardplanten schuilhoud. Indien er rupsen van diverse grootte op de waardplant aanwezig zijn, kan er kannibalisme optreden. De grootste rups eet dan de kleinere op. De pop is een gordelpop. Op het einde van het popstadium kan men reeds het geslacht van de vlinder bepalen, daar de oranje kleur van de vleugeltip zich door de huid van de pop manifesteert.
Rode lijst categorieMomenteel niet bedreigd
Meer informatiehttp://www.instnat.be/content/page.asp?pid=FAU_VL_anthcard
|
|